Groen! feeds
Di Rupo laat Afghanistan in de steek
Straks vertrekt de regering naar de Navo-top in Chicago van 20 en 21 mei. Op de agenda één hoofdpunt: de toekomst van Afghanistan na 2014, het jaar waarin de Isaf-operatie ten einde loopt. Welk engagement wil België nog opnemen in het Centraal-Aziatische land? Het regeerakkoord is dubbelzinnig en spreekt van ‘een definitieve terugtrekking in 2014 zonder een aanwezigheid ter plaatse, met andere partnerlanden, uit te sluiten om de heropbouw te ondersteunen.' Regeringsleden Pieter De Crem (CD&V) en Didier Reynders (MR) lieten al verstaan dat dit ook een militaire aanwezigheid kan omvatten, in de vorm van militaire instructeurs of eenforce de protection. Woensdag bevestigde het kernkabinet deze mogelijkheid.
De olifant baart een muis
Wie na de aanstelling van de nieuwe federale regering, met nieuwe partijen, gehoopt had op een nieuw Afghanistan-beleid komt bedrogen uit. Het budget voor onze militaire operatie stijgt in 2012 verder tot 113 miljoen euro en staat in schril contrast met de 12 miljoen euro die we besteden aan wederopbouw en ontwikkeling. Ook op diplomatiek niveau verwachten we van de klassieke tripartite meer assertiviteit en engagement. Wat een land als Noorwegen met de Oslo-akkoorden voor Israël en Palestina kon doen, moet België proberen als het over Afghanistan gaat. Trouwens, met zijn oproep voor een Europees relancebeleid in de buitenlandse kranten deze week, bewijst premier Di Rupo dat ook een klein land zijn stem af en toe kan (en moet) verheffen.
Dat is nodig, want wordt het geen tijd om luidop de vraag te stellen naar het rendement van het geld dat we tot nu toe in Afghanistan pompten? Sinds België zich met F-16's in 2008 voluit in het oorlogsgewoel stortte, is de factuur voor de Belgische belastingbetaler tot 473 miljoen euro opgelopen. Een half miljard euro, verdient dat niet enige evaluatie? Het aantal burgerslachtoffers stijgt elk jaar, tot 3.021 doden in 2011.
De Taliban hebben het militaire overwicht in bijna elk van de 34 Afghaanse provincies en plegen aanslagen tot in het centrum van de hoofdstad Kaboel. De desertie in het zwaar gesubsidieerde Afghaanse leger is vorig jaar verdubbeld. Het regime-Karzai is door en door corrupt, de opiumproductie staat weer op het niveau van 2007-2008 en de armoede onder de Afghaanse bevolking piekt op 73 procent. De problemen benoemen is een voorwaarde om tot nieuwe oplossingen te komen.
De kleine kwestie die ‘bevolking' heet
Deze week klonk de goednieuwsshow van de klassieke tripartite in het parlementaire Afghanistan-debat hol en oppervlakkig. Premier Di Rupo benadrukte zelfs het belang van een ‘positieve perceptie' van de Navo-top met het oog op de herverkiezing in de VS van president Obama, ‘want wie weet wat we in zijn plaats krijgen'. Een wake-upcall aan onze premier: voor een promoronde en peptalk is er op de Chicago-top geen tijd. Als we niet willen dat ons half miljard euro belastinggeld in rook opgaat, moeten we afstappen van de veel te eenzijdige militaire strategie.
Een nieuwe globale aanpak bevat verschillende elementen. Het Westen moet de Afghaanse bevolking verzekeren dat het van Afghanistan geen permanente machtsbasis in Centraal-Azië wil maken. Verder moeten we de Afghanen een groot economische ontwikkelingsplan aanbieden. Zonder regionaal akkoord met belanghebbende landen zoals Pakistan, India, Iran, Rusland en China is een duurzame oplossing nooit mogelijk. Het Westen mag niet aarzelen om de financiële miljardensteun aan Pakistan als pasmunt te gebruiken en te eisen dat alle banden met de Taliban worden doorgeknipt. Wat de vredesonderhandelingen met de opstandelingen betreft, ten slotte, zijn de VN de enige geloofwaardige en voldoende neutrale bemiddelaar. De huidige initiatieven van de VS en president Karzai kunnen geen duurzame vrede opleveren.
België moet zijn militaire inzet in Afghanistan in de weegschaal gooien voor een strategiewissel. Als de top van Chicago geen fundamentele knopen doorhakt, verspillen we belastinggeld en trekken we onze troepen beter onmiddellijk terug. Zonder nieuwe strategie zullen we in 2014 geen getuige zijn van een terugtrekking na een overwinning, maar van een aftocht na een nederlaag. Wie binnen de klassieke tripartite wakker ligt van het lot van de Afghaanse bevolking, mag nu opstaan.
(Dit opiniestuk verscheen op vrijdag 18 mei in De Standaard)
Di Rupo laat Afghanistan in de steek
<p> Straks vertrekt de regering naar de Navo-top in Chicago van 20 en 21 mei. Op de agenda één hoofdpunt: de toekomst van Afghanistan na 2014, het jaar waarin de Isaf-operatie ten einde loopt. Welk engagement wil België nog opnemen in het Centraal-Aziatische land? Het regeerakkoord is dubbelzinnig en spreekt van ‘een definitieve terugtrekking in 2014 zonder een aanwezigheid ter plaatse, met andere partnerlanden, uit te sluiten om de heropbouw te ondersteunen.' Regeringsleden Pieter De Crem (CD&V) en Didier Reynders (MR) lieten al verstaan dat dit ook een militaire aanwezigheid kan omvatten, in de vorm van militaire instructeurs of eenforce de protection. Woensdag bevestigde het kernkabinet deze mogelijkheid.</p> <p><br /> <strong>De olifant baart een muis</strong><br /> <br /> Wie na de aanstelling van de nieuwe federale regering, met nieuwe partijen, gehoopt had op een nieuw Afghanistan-beleid komt bedrogen uit. Het budget voor onze militaire operatie stijgt in 2012 verder tot 113 miljoen euro en staat in schril contrast met de 12 miljoen euro die we besteden aan wederopbouw en ontwikkeling. Ook op diplomatiek niveau verwachten we van de klassieke tripartite meer assertiviteit en engagement. Wat een land als Noorwegen met de Oslo-akkoorden voor Israël en Palestina kon doen, moet België proberen als het over Afghanistan gaat. Trouwens, met zijn oproep voor een Europees relancebeleid in de buitenlandse kranten deze week, bewijst premier Di Rupo dat ook een klein land zijn stem af en toe kan (en moet) verheffen.<br /> <br /> Dat is nodig, want wordt het geen tijd om luidop de vraag te stellen naar het rendement van het geld dat we tot nu toe in Afghanistan pompten? Sinds België zich met F-16's in 2008 voluit in het oorlogsgewoel stortte, is de factuur voor de Belgische belastingbetaler tot 473 miljoen euro opgelopen. Een half miljard euro, verdient dat niet enige evaluatie? Het aantal burgerslachtoffers stijgt elk jaar, tot 3.021 doden in 2011.<br /> <br /> De Taliban hebben het militaire overwicht in bijna elk van de 34 Afghaanse provincies en plegen aanslagen tot in het centrum van de hoofdstad Kaboel. De desertie in het zwaar gesubsidieerde Afghaanse leger is vorig jaar verdubbeld. Het regime-Karzai is door en door corrupt, de opiumproductie staat weer op het niveau van 2007-2008 en de armoede onder de Afghaanse bevolking piekt op 73 procent. De problemen benoemen is een voorwaarde om tot nieuwe oplossingen te komen.<br /> <br /> <strong>De kleine kwestie die ‘bevolking' heet</strong><br /> <br /> Deze week klonk de goednieuwsshow van de klassieke tripartite in het parlementaire Afghanistan-debat hol en oppervlakkig. Premier Di Rupo benadrukte zelfs het belang van een ‘positieve perceptie' van de Navo-top met het oog op de herverkiezing in de VS van president Obama, ‘want wie weet wat we in zijn plaats krijgen'. Een wake-upcall aan onze premier: voor een promoronde en peptalk is er op de Chicago-top geen tijd. Als we niet willen dat ons half miljard euro belastinggeld in rook opgaat, moeten we afstappen van de veel te eenzijdige militaire strategie.<br /> <br /> Een nieuwe globale aanpak bevat verschillende elementen. Het Westen moet de Afghaanse bevolking verzekeren dat het van Afghanistan geen permanente machtsbasis in Centraal-Azië wil maken. Verder moeten we de Afghanen een groot economische ontwikkelingsplan aanbieden. Zonder regionaal akkoord met belanghebbende landen zoals Pakistan, India, Iran, Rusland en China is een duurzame oplossing nooit mogelijk. Het Westen mag niet aarzelen om de financiële miljardensteun aan Pakistan als pasmunt te gebruiken en te eisen dat alle banden met de Taliban worden doorgeknipt. Wat de vredesonderhandelingen met de opstandelingen betreft, ten slotte, zijn de VN de enige geloofwaardige en voldoende neutrale bemiddelaar. De huidige initiatieven van de VS en president Karzai kunnen geen duurzame vrede opleveren.<br /> <br /> België moet zijn militaire inzet in Afghanistan in de weegschaal gooien voor een strategiewissel. Als de top van Chicago geen fundamentele knopen doorhakt, verspillen we belastinggeld en trekken we onze troepen beter onmiddellijk terug. Zonder nieuwe strategie zullen we in 2014 geen getuige zijn van een terugtrekking na een overwinning, maar van een aftocht na een nederlaag. Wie binnen de klassieke tripartite wakker ligt van het lot van de Afghaanse bevolking, mag nu opstaan.</p> <p><em>(Dit opiniestuk verscheen op vrijdag 18 mei in De Standaard)</em></p> <p> </p>
Rerum Novarum: duidelijke engagementen voor strijd tegen kinderarmoede
Met Rerum Novarum, de christelijke dag van sociale bewogenheid in zicht, roept Groen-voorzitter Wouter Van Besien alle niveaus op om samen in te zetten op kinderarmoedebestrijding: “Vandaag leven 140 000 Vlaamse kinderen in armoede, in onze steden loopt dit op tot 22%. Federaal, Vlaams en lokaal is veel doortastender beleid nodig om dit probleem terug te dringen. “Handen af van de kinderbijslag” roepen maar ondertussen federaal de uitkeringen flink verlagen, is de verkeerde aanpak. Ook lokaal moet er veel meer gebeuren, via de OCMW’s en de kinderopvang.”
“Ieder Vlaams kind verdient dezelfde kansen,” stelt Van Besien. “Veel mensen ontvangen vandaag uitkeringen onder de armoedegrens, vaak ook jonge mensen met kinderen. Als je ziet dat in de provincies Antwerpen en Limburg de kinderarmoede de laatste tien jaar quasi is verdubbeld, van 5,8% tot 11,4% en van 5,8% tot 10,1%, dat in Gent 15% van de kinderen in armoede worden geboren en in Antwerpen 22%, dan is het duidelijk dat doortastende maatregelen dringend nodig zijn, en dit op alle niveaus.”
De gemeenteraadsverkiezingen van 2012 kunnen een momentum opleveren om krachtdadig op te treden tegen de toenemende kinderarmoede in Vlaanderen. De armoedebarometer toonde aan dat werk de beste bescherming is tegen armoede. “We moeten ervoor zorgen dat op zoek gaan naar werk ook haalbaar is voor gezinnen met kinderen en vooral alleenstaande ouders. Kinder- en naschoolse opvang moet dus ook voor hen toegankelijk en haalbaar zijn. Inkomensgerelateerde dagprijzen en het gericht openen van extra plaatsen in kansarme wijken, maken deel uit van een slim beleid dat inzet op het structureel wegwerken van de armoede,” aldus Van Besien.
De OCMW’s spelen daarnaast een belangrijke rol omdat zij voor aanvullende steun kunnen zorgen bovenop het leefloon of andere uitkeringen, zeker voor gezinnen met kinderen. Concreet gaat het dan bijvoorbeeld om bijpassingen voor medische kosten of schoolkosten. Ook in de strijd tegen de verborgen armoede is het OCMW een belangrijke partner. OCMW’s kunnen hier veel actiever in optreden door zelf de wijken in te trekken om armoede op te sporen en door rechten automatisch toe te kennen zodat mensen daadwerkelijk de steun krijgen waar ze recht op hebben.
Groen vraagt duidelijke engagementen van de andere partijen en in het bijzonder aan de christen-democraten. “Onder druk van het ACW heeft CD&V altijd gezegd dat armoedebestrijding voor haar een prioriteit is. Ex-premier Yves Leterme beloofde ooit dat hij 2 miljard zou investeren in de uitkeringen. Vandaag roept Wouter Beke “Handen af van de kinderbijslag”, maar wat is de harde realiteit? De federale regering mét CD&V, sp.a en Open-VLD verlaagde vorige week de werkloosheidsuitkeringen met 25%, tot een flink stuk onder de armoedegrens," stelt Van Besien vast.
Diezelfde regering vermindert de enveloppe voor de welvaartsvastheid van de uitkeringen met 40%. De belofte van premier Di Rupo om de minimumpensioenen op te trekken tot 1150€, sneuvelde in het regeerakkoord. De kinderarmoede stijgt onrustwekkend, terwijl het VIA-plan van de Vlaamse regering waarvan ook de CD&V deel uitmaakt, een halvering tegen 2020 belooft. Intussen blijft het wachten op de beloofde huursubsidies, op een maximumfactuur voor huur, op een hervorming om de kosten voor groene stroom te drukken, op doortastende maatregelen in het onderwijs om de achterstand van kansengroepen daar weg te werken. "Het is duidelijk dat de CD&V in de regeringen waarin ze zit, niet in staat is om haar agenda van armoedebestrijding door te drukken,” besluit Van Besien.
Mortsel en mobiliteit, zo moet het wel
Geachte professor Bruno De Borger,
Als het over Mortsel gaat, zou ik het eigenlijk graag hebben over andere onderwerpen dan mobiliteit. Mortsel is zoveel meer dan files.
Maar uw recente uitspraken over Mortsel laten me geen keuze dan het opnieuw over mobiliteit te hebben. Het Laatste Nieuws berichtte vorige week vrijdag over het probleem van het sluipverkeer in de zuidoostrand van Antwerpen. ‘Neem het van mij aan, Mortsel geldt in Europa als een voorbeeld van hoe het niét moet', stelde u daarin.
Anderhalve maand geleden deed u gelijkaardige uitspraken in Het Nieuwsblad en Het Laatste Nieuws. Dit naar aanleiding van het radioprogramma Peeters & Pichal, dat Mortsel uitriep tot drukste gemeente in Vlaanderen. Toen zei u dat u als transporteconoom bij uw studenten Mortsel aanhaalt als voorbeeld van hoe het niét moet. De tramlijnverlenging van Mortsel naar Boechout noemde u ‘misschien wel een vergissing'.
Uw uitspraken gaan dus in stijgende lijn. In maart was Mortsel een voorbeeld van hoe het niet moet in Vlaanderen, in mei al een voorbeeld van hoe het niet moet in Europa. Wat wordt het in pakweg september? Mortsel als slecht voorbeeld voor de hele wereld? Ik ben er zeker van: vele verkeersdeskundigen zijn het grondig oneens met uw stelling.
Verkeersriool
Laten we wel wezen, in Mortsel doorsnijden de gewestwegen winkel- en woongebied. Dat is zo. Met dagelijks veel schoolgaande kinderen. En dus gaat het hier over leefbaarheid. Over verkeersveiligheid. Over luchtkwaliteit. Daarom werden de gewestwegen in Mortsel, die de voorbije veertig jaar door auto- en vrachtverkeer stilaan een echte verkeersriool werden, de afgelopen tien jaar evenwichtiger verdeeld. Voetgangers, fietsers, handelaars en de luchtkwaliteit deden er hun voordeel mee. En ja, er zijn geen tien manieren om een weg evenwichtiger te herverdelen, dus ging dat inderdaad ten nadele van rijstroken voor auto- en vrachtverkeer. Van twee keer twee rijstroken naar twee keer een.
En hier botsen we. Als transporteconoom pleit u voor maximale doorstroming van auto's en vrachtwagens op gewestwegen. Als stadsbestuur hebben we in Mortsel groen licht gegeven voor de plannen van de Vlaamse regering die ook leefbaarheid, verkeersveiligheid, luchtkwaliteit en dus andere verplaatsingsmogelijkheden op het oog hebben.
Als u nu als transporteconoom zegt dat Mortsel een voorbeeld is van hoe het niet moet, wil ik u vragen om de Vlaamse regering te interpelleren over haar visie op mobiliteit. Ook wil ik u vragen om te berekenen hoe Mortsel er nu zou uitzien als er tien jaar geleden niet ingegrepen was – met de exponentiële toename van het auto- en vrachtverkeer de voorbije tien jaar in het achterhoofd. Hoe zouden we er dan nu voorstaan qua leefbaarheid? Qua veiligheid? Qua files?
Begin van de oplossing
Voor het overige ben ik het helemaal eens met uw oplossingen voor de mobiliteit rond Antwerpen. U wil rekeningrijden invoeren en de gunstige regeling voor bedrijfswagens aanpakken. U wil niet nog meer infrastructuur voor auto's en vrachtwagens. U pleit voor een andere tolheffing in de Liefkenshoektunnel en de Kennedytunnel. Er is geen derde Scheldekruising nodig, zegt u. Vind ik ook. Maar uw standpunt rond Mortsel en de gewestwegen kan ik alleen maar begrijpen vanuit uw pleidooi voor een ‘maximale doorstroming voor auto's en vrachtwagens'.
Ik ben ervan overtuigd dat Mortsel een voorbeeld is van hoe het wél moet. Er zijn verkeersdeskundigen die Mortsel als standaard voor Vlaanderen aanprijzen. Er zijn voorbeelden in het buitenland. Mortsel is niet het begin van het probleem, wel het begin van de oplossing. De logica van maximale doorstroming op gewestwegen door transporteconomen botst met de logica van verkeersdeskundigen. In Mortsel komen ze samen. Ik heb een voorstel: nodig mij uit op één van uw uiteenzettingen voor uw studenten. Voor een tegensprekelijk debat. Ik denk dat uw studenten na uw verhaal als transporteconoom recht hebben op het mijne. De universiteit is immers een maatschappelijk relevant discussieforum. Toch?.
Ingrid Pira
Na jarenlange politieke obstructie is het tijd voor een hoopvol toekomstproject
De eurocrisis is het gevolg van jarenlange politieke obstructie vanuit de hoofdsteden. Te veel
getalm, te weinig kordate actie. Te veel focus op een volstrekt eenzijdig neoliberale oriëntatie van
het Europese project, en dat nu al minstens drie decennia lang. Te weinig focus op een hoopvol
toekomstproject.
Daarom strijd ik in het Europees Parlement (EP) voor een socialer en ecologischer Europa, een Europa dat niet het neoliberalisme als alfa en omega van het politieke handelen uitkiest. Europa moet democratisch, sociaal, ecologisch-duurzaam, transparant en vreedzaam zijn. Europa moet ook solidair zijn, en voluit gaan voor een andere globalisering en voor vrede. Het feit dat de Grieken en vele anderen geen vertrouwen meer hebben in politici en
Europa is de logica zelve.
Wat moet er gebeuren? Hervormingen en begrotingsdiscipline? Ja! Maar niet alleen ten koste van sociale vangnetten waarop de welvaart en de stabiliteit van Europa zijn gebouwd. Er is ook nood aan een veel verdergaande hervorming en regulering van de financiële sector. Dat gebeurt onvoldoende, door het verzet van een ultrasterke financiële lobby en haar politieke slippendragers in de parlementen en daarbuiten.
Voorts bepleit ik een effectieve bestrijding van fiscale concurrentie en fiscale fraude. De strijd tegen de btw-fraude - het voltallige EP keurde mijn verslag daarover nagenoeg unaniem goed - kan jaarlijks 80 tot 100 miljard euro opleveren. De ruimere strijd tegen fiscale fraude zelfs 200 miljard. Er moet een Europese geharmoniseerde vennootschapsbelasting komen, die voor elk bedrijf geldt. Gedaan met de
fiscale achterpoortjes. Daardoor betalen grote ondernemingen nu al amper belastingen en worden
kmo's, die de meeste werkgelegenheid creëren, wél zwaar belast.Voorts tellen goed bestuur en
het correct besteden van belastinggeld.
Ik ben ook voorstander van de uitgifte van Europese projectbonds en een financiële transactietaks die jaarlijks tussen 50 en 80 miljard euro kan opleveren.Die middelen moeten we investeren in hoopvolle en goed uitgedachte Europese projecten rond infrastructuur, duurzame energie, transport en ontwikkelingssamenwerking. Meer slagkracht ook voor de Europese Investeringsbank (EIB). Die moet een even bevoorrechtte toegang krijgen tot goedkoop krediet vanuit de Europese Centrale Bank, zoals de private banken onlangs hebben gehad.
@alexanderdecroo: #geloofwaardigheid hangt af van daden
En toen spitsten mijn oren zich helemaal. Want duurzaamheid en rechtvaardige vrijheid, dat zijn concepten die ik nogal goed ken. Toen de Open-VLD naar eigen zeggen nog in de vrijheid, blijheidfase vertoefde, was Groen volop bezig met rechtvaardigheid en duurzaamheid te vertalen naar oplossingen voor de burger.
En dus ben ik enthousiast. Ik kijk vol ongeduld uit naar de voorstellen die Open-VLD zal uitwerken. Ik geef Alexander alvast enkele ideeën mee.
De Croo zegt over de banken: “Verblind door winstbejag werden onverantwoorde risico’s genomen met het geld van de spaarders.” Inderdaad. Ik ben heel blij dat dit nu eindelijk ook door een liberaal zwart op wit wordt toegegeven. De financiële sector is er op geen enkele manier in geslaagd om zichzelf te reguleren. Als we willen dat het gegok met ons spaargeld ophoudt, dan hebben we een sterke overheid nodig die hier paal en perk aan stelt. Het Belgische parlement heeft in 2009 unaniem aangewezen welk weg hiervoor moet worden gevolgd: splits de spaarbanken af van de zakenbanken, vermeng die twee functies niet. Hoe groot was dan ook de ontgoocheling toen ik het regeerakkoord las. De federale regering zal onderzoeken of zo’n splitsing wel opportuun is, en als ze opportuun is, of het wel haalbaar is om spaarbanken en zakenbanken te splitsen. Flauwe koek en uitstel. Onder druk van de liberalen, zo wordt gefluisterd. Intussen heeft Open-VLD samen met CD&V en sp.a de onverantwoorde risico’s die de dexiabestuurders namen, netjes toegedekt door de dexiacommissie te muilkorven. Of hoe onverantwoord liberale vrijheid kan zijn.
De Croo zegt over de arbeidsmarkt: “Mensen draaien tussen hun 25ste en hun 40ste dubbele shiften, op hun werk en thuis.” Ook dit is een zeer terechte vaststelling. Daarom dat de groenen al zolang pleiten voor het ‘combinatiemodel’. Werknemers moeten op een menselijke manier de combinatie kunnen maken tussen werk en privéleven. Daarvoor werden ondermeer het tijdskrediet en de loopbaanonderbreking in het leven geroepen. Deze instrumenten die juist ademruimte geven aan de mensen die De Croo met zijn vrijheidsspeech aanspreekt, werden door diezelfde federale regering gekortwiekt. In het regeerakkoord wordt een stevige paragraaf gewijd aan: “strengere toegangsvoorwaarden voor het tijdskrediet en de loopbaanonderbrekingen”. Of anders verwoord: de arbeidsvijs nog wat strakker aandraaien, naar het schijnt alweer onder druk van de liberalen. Of hoe onduurzaam liberale vrijheid kan zijn.
Nog eentje dan. De Croo zegt over de belastingen: “Torenhoge lasten prijzen laaggeschoolde jobs uit de markt.” Je moet geen econoom zijn om dit vast te stellen. Je moet geen vijf jaar op de universiteit hebben gezeten om te weten wat het antwoord is: de belastingen op arbeid moeten naar beneden. Dat kan perfect, zonder bijkomende druk op de begroting, door de belastingen op arbeid te verschuiven naar lasten op milieuvervuiling en op vermogenswinsten. Je maakt er de economie duurzamer door en het belastingssysteem rechtvaardiger. Helaas, deze federale regering doet geen van de drie: geen lagere arbeidslasten, geen slimmere milieufiscaliteit, geen rechtvaardige belastingen. Of hoe onrechtvaardig liberale vrijheid kan zijn.
Beste Alexander, ik wil uw denkoefening niet ridiculiseren, integendeel, ik vind ze heel interessant. Maar weet dat uw geloofwaardigheid afhangt van wat je doet, niet van je mooie woorden.
Groen wil kringloopeconomie in Brussel
Morgenochtend wordt in de commissie Leefmilieu van het Brussels Parlement een nieuwe afvalwet besproken. Deze ordonnantie moet het Brusselse afvalbeleid een extra duw in de rug geven en naar een hoger niveau tillen.
Annemie Maes zal voor Groen volgende prioriteiten naar voor schuiven:
1. Brussel heeft in vergelijking met de andere gewesten en de buurlanden een achterstand op het vlak van sorteren, hergebruiken en recycleren van afval (Brussel 30%, Vlaanderen en Wallonië 70%). Deze achterstand moet, binnen een strak schema (6 jaar), worden weggewerkt.
2. Om de Brusselaar aan te zetten beter te sorteren, moet het principe ‘de vervuiler betaalt’ in de praktijk omgezet worden. Zo zal er vanaf 2013 een heffing worden ingevoerd van 6 euro per ton afval dat verbrand wordt. Verwachte inkomsten: 3 miljoen euro. Een eventuele invoering van een statiegeldsysteem op blikjes en andere drankverpakkingen alsook het invoeren van de betaalzak zullen worden onderzocht.
De opbrengsten van dergelijke heffingen kunnen volgens de nieuwe wet enkel worden geherinvesteerd in zaken die het hergebruik en recyclage van afval ten goede komen zoals extra containerparken, kringloopcentra, de aankoop van materiaal voor selectieve ophaling e.d. Deze kringloopeconomie zal bovendien extra jobs creëren, naar schatting 200 tot 500 jobs.
Annemie Maes is tevreden met deze ordonnantie: “Dit is een kleine inspanning voor de individuele Brusselaar, maar een grote verbetering voor Brussel.”
Alleen CREG beslist of energiecentrale kan sluiten
Er zijn minstens aanwijzigen dat de bevoorrading wordt bemoeilijkt door Electrabel. Zij willen koste wat het kost de oude, zeer lucratieve kernreactoren langer openhouden,” meent Calvo. “Ook de CREG heeft deze week gezegd dat Electrabel de schaarste lijkt te organiseren. Het is tijd dat de overheid de energiebevoorrading in handen neemt in het belang van de consument en onze bedrijven.
Het wetsvoorstel van de groenen voorziet dat exploitanten die een energiecentrale willen sluiten, dit tijdig moeten aanvragen bij de energieregulator CREG. Op die manier kan de regulator een inschatting maken of de sluiting al dan niet de bevoorradingszekerheid in het gedrang brengt. Indien dit het geval zou zijn, kan de CREG de sluiting uitstellen of de centrale verkopen aan een andere geïnteresseerde exploitant.
In 2011 diende de CREG een gelijkaardig voorstel in maar dat werd onder toenmalig energieminister Magnette weggestemd. "Onverantwoord," meent Calvo. "Dit voorstel komt er juist omdat de elkaar opvolgende regeringen met democraten, liberalen en socialisten nagelaten hebben voldoende nieuwe energieinvesteringen aan te trekken. Door deze procedure in te voeren, kunnen we vermijden dat hun uitstelgedrag zal leiden tot stroompannes."
Tot slot wijzen Groen en Ecolo erop dat dit voorstel kadert in een groter geheel van maatregelen om de Belgische energiemarkt beter te organiseren. Andere pijlers zijn: de gefaseerde kernuitstap, het aantrekken van nieuwe investeringen door het quasi-monopolie van Electrabel te breken en ze terecht hogere bijdrages te doen betalen en een beleid voor meer energiebesparing.
Voor een lokaal holebi- en transgenderbeleid in alle steden en gemeenten
De lokale verkiezingen van oktober 2012 zijn een unieke kans om mensen te sensibiliseren rond gelijke kansen voor iedereen. Groen besteedt in haar verkiezingsprogramma expliciete aandacht aan het welbevinden en de rechten van holebi's en transgenders. Groen bepleit een lokaal holebi- en transgenderbeleid voor alle steden en gemeenten. Beleidsaandacht voor geaardheid is volgens Groen gericht op het administratief personeel, enerzijds, en op alle inwoners van de stad of gemeente, anderzijds.
Een lokaal holebi-beleid vergt een expliciete visie van de gemeente of stad. Er kunnen inspirerende rolmodellen in de gemeente worden aangesproken om deze uit te dragen. Verder wil Groen holebi-belangenorganisaties ondersteunen en hen in contact brengen met andere verenigingen en scholen.
“Discriminatie van holebi’s bestrijden kan alleen wanneer verschillende actoren samenwerken. Een laagdrempelige en correcte registratie van klachten is essentieel. In navolging van wat federaal beslist werd, moet ook de lokale politie kordaat optreden tegen homogeweld en zorgen voor een adequaat onthaal van slachtoffers,” aldus staatssecretaris Bruno De Lille.
Groen zal zoals alle andere jaren talrijk aanwezig zijn op de gapride. Staatssecretaris Bruno De Lille besluit: “De Belgian Gaypride is het moment om op te komen voor gelijke rechten. En dan gaat het niet alleen over wettelijke discriminaties maar ook over het recht om altijd en overal jezelf te kunnen zijn.”
Elisabeth Meuleman: "Rede wint in dossier TBS"
'Gelukkig heeft uiteindelijk de rede het gehaald in dit dossier', zegt Vlaams parlementslid Elisabeth Meuleman. 'Ik wil de vakbonden feliciteren met hun constructieve houding, nadat de minister zonder enige vorm van overleg een sociale bom liet ontploffen. Dat laatste is absoluut niet voor herhaling vatbaar.'
'Het is duidelijk onderhandelen tot betere beslissingen leidt: dit akkoord lijkt me evenwichtig. Er komt een oplossing voor degenen die aan de vooravond van hun TBS stonden. Iedereen die al met TBS had kunnen gaan, zal dit ook kunnen doen.'
'Ik hoop wel dat de minister nog een tandje bijsteekt voor het werkbaar houden van het onderwijs. Het onderzoeken van de haalbaarheid van een werkbaarheidsindex klinkt zeer vrijblijvend en biedt geen duidelijk engagement. Smet blinkt uit in onderzoeken, indexen en meetinstrumenten, maar we wachten op actie. Het onderwijs heeft een duidelijke visie nodig op een leefbaar loopbaaneinde voor oudere leerkrachten, een gunstige startpositie voor jonge leerkrachten en goede werkomstandigheden voor iedereen daartussen. We willen tegen de zomer een lerarenloopbaanplan, zoals Smet ons al lang belooft!'
Veertiendaagse Duurzame Ontwikkeling in de Kamer
“Het concept van de Veertiendaagse is eenvoudig. Voor één keer moet de anders niet zo actieve Kamercommissie Duurzame Ontwikkeling een tandje bij steken. Tijdens de periode moet de commissie enkele hoorzittingen organiseren en zich buigen over wetsvoorstellen. Zo tonen we dat niet alleen in Rio, maar ook in de Kamer duurzame ontwikkeling hoog op de agenda staat”, legt Calvo de bedoeling uit.
“De 20e verjaardag moet een modernisering van het instrumentarium inzake duurzame ontwikkeling inluiden”, stelt Calvo. Ecolo-Groen heeft daarvoor drie voorstellen: het verminderen van de ecologische schuld opnemen in de Grondwet, het gebruiken van alternatieve economische indicatoren (naast het BBP) en het oprichten van een ombudspersoon voor de toekomstige generaties.
Kristof Calvo, het jongste Kamerlid, pleit al geruime tijd voor zo’n ombudspersoon. “Dat toekomstige generaties vandaag geen stem hebben, zorgt voor een structurele blinde vlek in de democratische besluitvorming. Een ombudspersoon kan een tegengewicht bieden. Hij of zij moet vooral lawaai maken. Het hoeft geen nieuwe superstructuur te worden”, aldus nog Calvo.
Ecolo en Groen stellen meteen ook voor dat de Kamer zich buigt over hoe het parlement zelf op een duurzamer manier zou kunnen functioneren op vlak van energie, consumptieproducten en eerlijke handel. “Dan toont de Kamer zich pas echt als een duurzaam parlement”, besluiten de groene Kamerleden. De groene fractie vraagt ook hoorzittingen met de Ministers die aanwezig zullen zijn op de Rio+20-conferentie, alsook met de Belgische stakeholders.
Groen roept Vlaamse regering op om Waals model groene stroom over te nemen
Sanctorum vindt dat de Vlaamse regering dringend het geweer van schouder moet veranderen. “In Wallonië blijkt groene stroom immers goedkoper te zijn en ligt de productie ook hoger. De verschillen tussen het systeem voor groene stroom in het noorden en het zuiden van het land zijn dan ook frappant. Zo komt afvalverbranding in Vlaanderen ook in aanmerking voor groenestroomcertificaten. Daarnaast worden de kosten voor zonnepanelen voornamelijk naar de gezinnen doorgeschoven, terwijl in Wallonië ook de bedrijven een deel van de factuur doorgerekend krijgen,” aldus Sanctorum.
“De Vlaamse regering overlegt al maanden over het dossier, maar raakt het niet eens,” klaagt Hermes Sanctorum nog aan. "De speeltijd voor de Vlaamse regering is voorbij.”
Energiebeleid is meer dan pannes vermijden
Mogelijke antwoorden voor piektekorten op korte termijn zijn al eerder gesuggereerd. In plaats van steunmaatregelen te schrappen moet volop ingezet worden op energiebesparing. Het potentieel aan besparing wordt geschat op maar liefst 4 Twh tegen 2015, dat is meer dan de totale productie van de kerncentrale Doel 1 (3,5 Twh). Heel concreet zouden we voor de wintermaanden een flinke besparing kunnen realiseren door een vervangingsprogramma van elektrische verwarming.
We moeten in elk geval voorkomen dat Electrabel op eigen houtje andere centrales sluit om de schaarste te organiseren. Electrabel speelt een vuil spel. Het sluit bepaalde eigen gas- en stroomcentrales, zodat het dan extra druk kan uitvoeren om zijn zeer lucratieve, afgeschreven kerncentrales alsnog langer te kunnen openhouden. Zoiets heet moedwillige sabotage. Zoiets heet: spelletjes spelen op de kap van de consument en op die van onze toekomst. De regering moet hier komaf mee maken door te verplichten dat de energiewaakhond Creg daar als scheidsrechter optreedt. Het moet de Creg zijn die kan toestaan of centrales al dan niet dicht kunnen.
De echte uitdaging is complex en reikt verder dan de periode van 2014-2015. Energiebeleid voeren is meer dan stroompannes vermijden. Het gaat erom investeringen aan te zwengelen, investeerders rechtszekerheid en duidelijkheid te bieden en – vooral – centen te vinden om die keuzes te financieren. Een investeerder weet vandaag niet welke energiemix onze overheden nastreven (wel of geen kernuitstap). De dagjespolitiek levert afwisselend over- en ondersubsidiëring op. De technologiefederatie Agoria schat de daardoor geblokkeerde energie-investeringen op 3 miljard. Dat gaat onder meer om een moderne, flexibele gascentrale in Evergem van 1,2 miljard, die alleen al tijdens de tweejarige bouwperiode 1.200 mensen werk kan verschaffen.
Drie pistes voor 20 miljard
We kunnen het ons niet veroorloven om investeerders weg te jagen. Het Belgische productiepark is zeer oud. Niet meer dan een vierde van onze productiecapaciteit (4412 MW) is 20 jaar of jonger. Sowieso staan we tegen 2030 voor 19,5 à 21,5 miljard investeringskosten in elektriciteitsproductiecapaciteit. Dat leert ons de recente studie Nieuwe energievooruitzichten voor België tegen 2030 van het Federaal Planbureau. Daarbij komt een drievoudige noodzaak: energiebesparing, vereiste netvernieuwing en de gewenste investeringen in bijkomende transportcapaciteit. De publieke financiën laten niet toe om die financiering helemaal met algemene middelen te doen. Een te doorgedreven ondersteuning via de elektriciteitsfactuur is dan weer nefast voor de koopkracht en voor de competitiviteit van onze industrie.
Daarom moeten we op zoek gaan naar originele pistes. Er zijn er minstens drie te bedenken: een hogere nucleaire bijdrage herinvesteren, een volkslening uitschrijven (ecobons) en de financiële ruimte aanwenden die zal ontstaan na energiebesparende maatregelen. De federale regering volgt (voorlopig?) niet. De bijdrage van Electrabel blijft, dixit de Creg, te laag. Stimuli voor energiebesparing worden geschrapt. De volkslening, iets waar de (toen nog) senatoren John Crombez en Johan Vande Lanotte in de vorige regeerperiode nog voor pleitten, wordt maar niet geconcretiseerd.
Een investeringsplan à la Hollande
Gouverner, c'est prévoir. De energie-investeringen niet voorbereiden is geen optie. Het is zoals de vergrijzing ontkennen, een factuur doorschuiven naar toekomstige regeringen en generaties. Het goede nieuws is bovendien dat, als we het nodige kapitaal mobiliseren en de juiste keuzes maken, de investeringen serieus zullen renderen. Een investeringsplan om stroompannes te vermijden zou heel wat banen kunnen opleveren.
Om inspiratie op te doen, kan staatssecretaris voor Energie, Melchior Wathelet, misschien een bezoek brengen aan Denemarken. Dit voorjaar werd in Denemarken een ambitieus energieplan ontrold met concrete doelstellingen voor 2020: 35 procent hernieuwbare energie, 50 procent windelektriciteit, 34 procent minder CO2-uitstoot en 8 procent energiebesparing. Het zal de Deense economie geen windeieren leggen.
Wathelet enco moeten zo snel mogelijk een dergelijke aanpak voorbereiden: een globaal, interfederaal energie-investeringsplan met een sluitende financiering. Het voor juni beloofde federale uitrustingsplan, het vehikel om de beslissing over de kernuitstap voor zich uit te schuiven, moet meer zijn dan een optelsom van geplande projecten.
In Europa waait een nieuwe wind. ‘De blinde besparingen zijn te kortzichtig, er moet ook geïnvesteerd worden.' De kersverse Franse president François Hollande zal de komende weken met die boodschap van hoofdstad naar hoofdstad trekken. Bij zijn ontvangst in Brussel moet premier Di Rupo toch iets kunnen vertellen? Een energie-investeringsplan met hernieuwbare energie en energiebesparing zou een mooi begin zijn van een echt Belgisch relancebeleid.
Federale regering duwt werklozen in de armoede
De degressiviteit die de regering invoert, is voor Groen te fors. Als de regering het systeem degressiever wil maken dan vandaag, moet volgens Groen de initiële werkloosheidsuitkering naar omhoog. Onderzoek heeft aangetoond dat een voldoende hoge uitkering aan het begin van de werkloze periode sneller leidt tot een goede jobmatch. Met een voldoende hoge uitkering kan de werkloze zich voor 100% concentreren op zijn zoektocht naar een job, zonder zich zorgen te moeten maken over zijn inkomen.
Voor Groen vormt de armoedegrens de absolute ondergrens voor alle uitkeringen. De regering verlaagt de werkloosheidsuitkering voor alleenstaanden van 1.111 euro naar 916 euro, nochtans ligt de armoedegrens op 973 euro. Van Besien: “Hoe kunnen we van een werkloze verwachten dat hij zich voor 100% kan focussen op de zoektocht naar een job als hij dagelijks moet worstelen om rond te komen?”
Bovendien is het beter om de degressiviteit niet aan vaste termijnen te koppelen zoals de regering nu doet maar wel aan de zoekbereidheid van de werkloze. Zoniet, dan verdwijnt elk onderscheid tussen werklozen die geen geschikte job kunnen vinden en werklozen die onvoldoende inspanningen doen.
Tot slot stoot het tegen de borst dat de federale regering niet verder komt dan de stok om mensen mee aan het werk te slaan in plaats van een uitgebreid pakket aan maatregelen dat inzet op jobcreatie. "Waar blijven de lagere lasten op loon, waar blijven de jobs door investeringen in energiebesparing en hernieuwbare energie, wanneer koppelt de regering de notionele interestaftrek aan jobcreatie? Het armoederapport dat vandaag bekend werd gemaakt, bewijst voor de zoveelste keer dat een job de beste buffer is tegen armoede. Mensen aan een job helpen, daar moet de prioriteit liggen," besluit Van Besien.
Drie Europese agentschappen krijgen geen goedkeuring jaarrekening
Europees parlementslid Bart Staes (Groen) is tevreden: "Als vice-voorzitter van de commissie begrotingscontrole weet ik uit ervaring dat dit een sterk en efficiënt middel is om Europese instellingen te dwingen tot beter bestuur. En dat is zeker in het geval van EFSA en EMA hard nodig, en vooral in het belang van 500 miljoen Europese burgers en consumenten."
Staes: "Door de kwijting uit te stellen, zet het EP de agentschappen onder druk om hun interne keuken op orde te krijgen. En in het geval van EFSA en EMA vooral ook om komaf te maken met de voortdurende gevallen van belangenverstrengeling."
Staes: "Agentschappen als EFSA en EMA, geven zwaarwegende adviezen aan zowel Europese Commissie als aan de lidstaten, over het wel of niet toelaten op de markt van goederen en producten die een directe impact hebben op de volksgezondheid en voedselveiligheid. Het is dus cruciaal dat deze agentschappen in volstrekte onafhankelijkheid kunnen werken. Zelfs de schijn van belangenvermenging is dus nefast. En dan is het bijvoorbeeld ongezond dat EMA voor 73% van de financiering afhankelijk is van vergoedingen uit de farmaceutische sector. Ook bij EFSA staat dit soort van financiering op de agenda."
Staes: "Gezien het belang en de gevoeligheid van het werk van dit soort agentschappen - toelating van medicijnen en voedsel op de Europese markt - moeten de banden tussen industriële vertegenwoordigers en Europese agentschappen formeel worden doorgeknipt. Dat is niet alleen in het belang van 500 miljoen Europese burgers, maar ook in de geloofwaardigheid van deze agentschappen."
EFSA zette de juiste toon , toen het deze week bekend maakte dat de voorzitter van de raad van bestuur, Diána Bánáti, ontslag had genomen, na hevige politieke druk van het Europees Parlement, onder aanvoering van de Groenen. Reeds in september 2010 vroeg de Europese groene fractie het ontslag van Bánáti wegens vergaande belangenverstrengeling. Danati had verzwegen dat zij ook lid was van de raad van bestuur van het 'International Life Science Institute', een machtige lobby-organisatie voor 400 multinationals uit de voedsel- en agro-industrie, zoals Monsanto, Syngenta, Dupont, Nestlé en Kraft.
Staes: "Dat neemt niet weg dat er nog steeds voorbeelden van dit soort belangenconflicten en draaideurpolitiek bestaan. Die problemen moeten we de komende maanden zien op te lossen."
(1) De agentschappen die nu geen kwijting kregen, hebben nu enkele maanden de tijd om met antwoorden en aanpassingen te komen en dan volgt in oktober een finaal besluit.
(2) Zie persbericht van gisteren over besluit EFSA
Een meer slagkrachtige overheid voor minder discriminatie
Een colloquium over discriminatie op de Brusselse arbeidsmarkt brengt de vraag naar een slagkrachtige overheid naar voor. Hoewel het aantal formele klachten beperkt is, is er enorme discriminatie op de Brusselse arbeidsmarkt. De overheid mag zich niet langer verschuilen achter een beleid dat enkel sensibiliseert. We moeten durven controleren en sanctioneren. Aldus Elke Van den Brandt en Ahmed Mouhssin, Brusselse parlementsleden voor Groen en Ecolo en initiatiefnemers voor het colloquium.
De groenen in het Brussels parlement organiseerden een studiedag met als titel ‘'De strijd tegen discriminatie op de Brusselse arbeidsmarkt'. Verschillende actoren uit het middenveld, onderzoekers, juristen, advocaten,… kwamen aan het woord. Iedereen is het erover eens dat discriminatie een onderschat fenomeen is en er nood is aan een doortastend beleid. Op basis van het aantal formele klachten, lijkt het probleem relatief beperkt. De laatste jaren waren er jaarlijks ongeveer 300 klachten, waarvan een vijftigtal werd doorverwezen naar het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding. Van den Brandt: “Deze cijfers zijn maar het topje van de ijsberg, discriminatie op de arbeidsmarkt is een onderschat fenomeen.” Het Brusselse topje van de ijsberg is wel hoger dan bijvoorbeeld het Vlaamse, daar worden veel minder klachten geregistreerd (ongeveer 65 per jaar). Een vierde van de dossiers die het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en Racismebestrijding opvolgt is Brussels.
Het huidige beleid is vooral gericht op sensibiliserende acties, zoals het diversiteitscharter, diversiteitsplannen, diversiteitslabel, anonieme CV’s… De overheid moet echter ook durven controleren en sanctioneren. Ahmed Mouhssin: “Het is niet enkel de verantwoordelijk van het individu om te bewijzen dat zij/hij wordt gediscrimineerd. De omkering van de bewijslast betekent de invoering van de praktijktest. Het juridisch kader is er, nu nog een agerende overheid.”
De ongelijke behandeling op de arbeidsmarkt is een structureel probleem waar de overheid nog te blind voor is. “Wat we nodig hebben is een beleid dat discriminatie beter gaat detecteren en bestraffen. Met de praktijktests wordt discriminerend gedrag zichtbaar en sanctioneerbaar. Inzetten op sociale clausules in overheidsopdrachten is ook van cruciaal belang. ” Aldus Elke Van den Brandt.
Hoewel de groenen erkennen dat de ongelijkheid op de arbeidsmarkt voor een stuk te herleiden is tot onderwijs, is het volgens hen te gemakkelijk om dit als enige verklaring naar voor te schuiven. Van den Brandt: “Bijvoorbeeld bij hoog opgeleide migranten, die over de nodige diploma’s en ervaring beschikken, merken we dat ze moeilijk aan de bak komen en ze zich dubbel moeten bewijzen.”
“Geen kwijting voor Tom Dehaene”
Mieke Vogels reageert verontwaardigd: “Tom Dehaene gaat hier zwaar over de schreef. Enerzijds misbruikt hij zijn macht als commissievoorzitter om vervelende vragen over de besparingen bij Oikoten te weigeren, anderzijds passeert hij met zijn vzw langs de kassa. Ik stel mij ernstige vragen bij het functioneren van Tom Dehaene als voorzitter van de commissie Welzijn.”
Los van het probleem van de belangenvermenging, wil Vogels ook dat er ten gronde gedebatteerd wordt over de besteding van de middelen voor projecten die probleemjongeren begeleiden. “Vandeurzen zegt nu dat de begeleiding van een jongere bij Oikoten te duur is. Maar je kan geen appelen met citroenen vergelijken. Oikoten werkt enkel met jongeren die geen thuis meer hebben, terwijl Youth at Risk zich richt op probleemjongeren die nog thuis wonen of die verblijven in een instelling. Beide programma’s kunnen perfect naast elkaar blijven bestaan, want ze vullen mekaar aan. Maar in het huidige klimaat van vriendjespolitiek is een eerlijk inhoudelijk debat onmogelijk,” aldus Vogels.
Octrooi op plant en dier schiet doel voorbij
Daarmee reageert het Europarlement vandaag op octrooiregelingen die steeds verder gaan dan alleen uitvindingen in de biologische wetenschap. Recent vroegen enkele grote ondernemingen zelfs een octrooi aan op broccoli en tomaten. Boeren en kwekers komen in problemen omdat ze gepatenteerde zaden van hun zelf gekweekte planten niet mogen gebruiken. Europarlementslid Bart Staes (Groen) is tevreden met de uitkomst van de stemming.
Staes: “Zoals het octrooi nu gebruikt wordt, schiet dat het doel voorbij. Octrooien zijn bedoeld om nieuwe uitvindingen te stimuleren. Niet om kwekers en boeren te beperken in hun werk door octrooirechten aan grote zadenfabrikanten te moeten betalen.”
Het aanvragen van octrooien beperkt boeren en kwekers en daarom roept het Europarlement op tot de zogenaamde kwekersvrijstelling. Kwekers en boeren moeten ongehinderd toegang hebben tot genetische bronnen. Helemaal als deze in de oorsprong van biologische aard zijn en niet specifiek een uitvinding betreffen. Staes: "Toch is dit besluit een belangrijke eerste stap in de controversiële werkwijze van het EPO. De organisatie verdient namelijk geld aan het uitgeven van veel patenten. Het gevolg is echter dat deze patenten nu in handen zijn van enkele grote bedrijven en dat boeren en kwekers zwaar moeten betalen."Bestaande EU-wetgeving roept op tot verbieden van octrooieren van biologische processen. Deze resolutie legt hier nogmaals de nadruk op. In deze richtlijn worden plantenrassen uitgesloten maar via andere wegen kunnen ze wel worden ge-octrooieerd.
Vorige week donderdag heeft de European Patent Office (EPO) een eerder toegekend octrooi teruggedraaid. Het zogenaamde 'XY patent' werd herroepen op juridisch-technische gronden, maar de Europese groenen menen dat het patent in de eerste plaats nooit had mogen worden toegekend. Dit eenvoudigweg omdat Europese wetgeving het patenteren van het kweken van dieren of planten verbiedt.
De Europese Groenen willen dan ook dat veredelaars de mogelijkheid hebben om verder te veredelen met rassen waarop octrooirechten berusten. Hiervoor is een wijziging van de richtlijn noodzakelijk.
Schijnkandidaturen bij verkiezingen worden onmogelijk gemaakt
De hervormingsvoorstellen die vandaag zullen worden ingeleid maken een einde aan de schijnkandidaturen. Bij de federale verkiezingen van 2010 kwamen 14 parlementsleden op voor de Kamer terwijl ze al regionaal of Europees parlementslid waren. Ze namen hun mandaat in de Kamer niet op. Denk maar aan Jan Peumans (N-VA), Patrick Janssens (sp.a), Ivo Belet (CD&V), e.a. Met de nieuwe regels zal dit niet langer mogelijk zijn. Kandidaten worden verplicht om het mandaat waarvoor ze laatst verkozen zijn op te nemen.
Tijdens de verkiezingen van 2009 werden 5 parlementsleden zowel op een Vlaamse als op een Europese lijst verkozen. Kathleen Van Brempt (sp.a), Dirk Sterckx (Open VLD) en Frank Vanhecke (Vlaams Belang) werden verkozen voor het Vlaamse parlement maar namen dit mandaat niet op omdat ze Europees gingen zetelen. Filip Dewinter (Vlaams Belang) nam zijn mandaat in Europa niet op en koos voor het Vlaams parlement. Piryns: "Jean-Marie Dedecker (LDD), de kampioen van de schijnkandidaturen, werd verkozen in het Vlaams Parlement en het Europees Parlement maar bleef gewoon zitten in de federale kamer. Dit zal niet meer kunnen omdat politici niet meer op 2 lijsten tegelijk kunnen staan. Ze zullen zich trouwens ook niet meer tegelijk kandidaat kunnen stellen als effectieve en als opvolger op de lijst.”
De wetsvoorstellen die vandaag worden ingeleid zijn het eerste luik van het uitgebreider hoofdstuk hervormingsvoorstellen voor meer politieke ethiek, dat dankzij de groenen in het Vlinderakkoord kwam. Latere voorstellen die aan bod zullen komen zijn de hearings van ministers waarbij regeringsleden binnen de zes weken nadat ze benoemd zijn, hun visie moeten toelichten op de uitdagingen en de aanpak van hun beleidsdomein. Er komt een deontologische code, een onafhankelijke deontologische commissie en de bezoldiging van de ministers wordt met 5% verminderd. De uittredingsvergoedingen voor parlementsleden worden herzien en afgeschaft in geval van vrijwillig ontslag in de loop van het mandaat. De pensioenregeling voor parlementsleden zal progressief in overeenstemming gebracht worden met het systeem in de openbare sector.
“Met de Senaat hebben we een instituut zo goed als afgeschaft waarvan de burger zich afvraagt: wat is daar eigenlijk nog het nut van? Met de hervormingsvoorstellen voor meer ethiek in de politiek geven we een antwoord op de vraag van de burger: mag het transparanter? Beide hervormingen hebben als doel: de geloofwaardigheid van de politiek op te krikken. Tegelijkertijd leveren de hervormingen ook een fikse besparing op,” besluit senator Piryns.
Zonder sabotage is kernuitstap mogelijk
Een rapport van de administratie Energie zet de discussie over de kernuitstap weer op scherp. De vervroegde sluiting van oude thermische centrales zou aanleiding geven tot wijziging van de uitstapkalender. “De kernuitstap wordt gesaboteerd door Electrabel en haar vrienden in de politiek en de administratie. Blijkbaar moet Electrabel de Lotto winnen,” aldus Groen-Kamerlid Kristof Calvo. Om de bevoorradingszekerheid te garanderen mogen oude thermische centrales pas sluiten na een vergunning door de CREG, stelt Groen voor.
“De hefbomen voor een kernuitstap zijn al jaren dezelfde: duidelijkheid voor investeerders, het zeer tijdelijk openhouden van de oude thermische centrales voor piekmomenten en inzetten op energiebesparing,” meent Calvo. “Het blijft een kwestie van willen. Dat tonen landen als Duitsland en Japan. Als de sabotagepolitiek ophoudt, kunnen we ook in België de kerncentrales sluiten.”
Een cruciaal punt is de situatie van enkele oude gas- en steenkoolcentrales. “Die centrales worden nu niet veel meer gebruikt maar zijn inderdaad belangrijk voor piekmomenten,” legt Calvo uit. Groen vraagt al lange tijd, net als de CREG, een vergunningsprocedure voor de sluiting van zulke centrales. “Electrabel mag niet meer op eigen houtje beslissen welke centrales sluiten. Sluiting zou pas mogen na groen licht van de CREG. Anders hanteert Electrabel een schaarstestrategie: steenkool- en gascentrales sluiten om de nucleaire winsten te kunnen bestendigen.”
Calvo zal vandaag de federale regering vragen stellen over haar plannen met de drie oudste en kleinste kernreactoren Doel 1, Doel 2 en Tihange 1. Zijn boodschap is alvast duidelijk: “De sabotage moet nu maar eens ophouden. Sp.a-voorzitter Bruno Tobback beloofde ons de groenste regering ooit. Wel, de sp.a moet nu maar eens kleur bekennen. De levensduur van de oudste reactoren met 10 jaar verlengen zou een historische vergissing zijn. Dan blijft België nog decennialang een nucleair land,” besluit Calvo.



